Ruimtevaart › Herbruikbare raketten
NASA fotografeert verse maankrater van neergestorte Falcon 9-raket
NASA heeft met de Lunar Reconnaissance Orbiter scherpe beelden gemaakt van een nieuwe krater op de maan. Die ontstond op 5 augustus 2026 toen de bovenste trap van een SpaceX Falcon 9-raket op het maanoppervlak insloeg. De foto's, genomen vanuit een baan op zestig mijl hoogte, laten precies zien hoe groot en diep de inslagplek is.
Tussen 11 en 12 augustus 2026 maakte NASA's Lunar Reconnaissance Orbiter (LRO) een serie close-ups van een verse krater op de maan. Die ontstond op 5 augustus, toen de uitgebrande bovenste trap van een Falcon 9-raket van SpaceX op het maanoppervlak neerstortte. Die raket had in januari 2025 de Blue Ghost 1-missie van bedrijf Firefly gelanceerd. Na het volbrengen van zijn taak bleef het onderdeel als ruimtepuin achter en viel het uiteindelijk op de maan.
Zes dagen wachten op het juiste moment
Om de inslagplek te kunnen fotograferen, moesten NASA-ingenieurs de LRO kantelen zodat de camera's precies op het juiste moment naar de krater wezen. De orbiter cirkelt elke twee uur van pool tot pool om de maan, op ongeveer zestig mijl hoogte en met een snelheid van een mijl per seconde. Omdat de maan onder de satelliet door draait, moest het team zes dagen wachten tot de juiste locatie weer in beeld kwam. Ook de timing moest kloppen: was de camera tien seconden te vroeg of te laat, dan zou het doelwit al tien mijl uit het beeld zijn geschoven.
Wat de kraterranden verklappen
Door de foto's onder verschillende lichthoeken te bekijken, konden wetenschappers unieke details van de impactkrater blootleggen. De krater is ongeveer 18 meter breed en minder dan 3 meter diep, een schatting die is gebaseerd op de lengte van de schaduw die de rand werpt. Voor deze metingen gebruikte de LRO zijn Narrow-Angle Camera, die details van slechts een meter groot kan onderscheiden.
Rond de krater is een patroon van donkere en lichte stralen te zien, ook wel ejecta genoemd: materiaal dat door de klap is weggeslingerd. De donkere banen bestaan uit regoliet, het losse maanstof en gruis dat al miljoenen jaren wordt bewerkt door zonnewind, kosmische straling en inslagen van micrometeorieten. Dit verweerde materiaal werd door de inslag opgegraven vanaf zo'n 46 centimeter diep. De lichtere stralen dichter bij de rand zijn vers materiaal, dat van dieper onder het oppervlak vandaan komt en nog niet is verweerd.
Berekeningen kwamen dicht in de buurt
Voorafgaand aan de inslag had NASA's Center for Near Earth Object Studies al berekend waar de bovenste trap van de raket ongeveer zou neerkomen. De experts kwamen uit op twee mogelijke ellipsvormige gebieden van 3,4 kilometer lang en 0,6 kilometer breed. De uiteindelijke krater bleek binnen die voorspelling te liggen, wat volgens NASA laat zien hoe nauwkeurig de baanberekeningen van ruimtepuin inmiddels zijn.
Internationale samenwerking bevestigde de exacte locatie
Het vinden van de inslagplek was het resultaat van wereldwijde samenwerking. Onafhankelijke sterrenkundigen achterhaalden eerst met openbaar beschikbare data de baan van de raket. NASA's Center for Near Earth Object Studies, dat normaal gesproken potentieel gevaarlijke natuurlijke objecten voor de aarde volgt, gebruikte de gelegenheid om zijn voorspellingstechnieken te testen en verfijnde de baan stap voor stap. De uitkomst werd gedeeld met het team van de Zuid-Koreaanse maansonde Danuri (Korea Pathfinder Lunar Orbiter), die enkele uren later met zijn hogeresolutiecamera LUTI eigen beelden van de krater maakte. De voorspelling bleek toen al nauwkeurig tot op ongeveer 1 kilometer. Danuri stuurde vervolgens de gemeten coördinaten door naar het LRO-team, dat daarmee zijn eigen opnamesequentie kon verfijnen. Door de nieuwe beelden te vergelijken met foto's van vóór de inslag, kon het LRO-team het kratercentrum uiteindelijk vastleggen op 19,4759°N, 266,7138°E, op 511 meter hoogte. Dergelijke metingen helpen wetenschappers niet alleen om inslagen te bestuderen, maar ook om in de toekomst betere modellen te maken voor de risico's van ruimtepuin rond de maan.
Achtergrond & begrippen
Wat betekent dit voor de toekomst? Nu er steeds meer raketten richting de maan vliegen, groeit ook de hoeveelheid puin die daar achterblijft. Het nauwkeurig volgen en fotograferen van inslagen zoals deze helpt wetenschappers om de risico's van ruimtepuin rond de maan beter in te schatten, wat belangrijk wordt nu er steeds meer bemande en onbemande maanmissies gepland staan.
- Lunar Reconnaissance Orbiter (LRO)
- Een NASA-ruimtesonde die al sinds 2009 in een baan om de maan het oppervlak in kaart brengt.
- Bovenste trap
- Het laatste onderdeel van een raket dat een lading zijn definitieve baan of snelheid geeft, en na gebruik vaak als ruimtepuin achterblijft.
- Impactkrater
- Een kom- of schaalvormige inslagplek die ontstaat wanneer een object met hoge snelheid op een oppervlak botst.
- Ejecta
- Materiaal dat door een inslag wordt weggeslingerd en als stralen of een sproeipatroon rond de krater terechtkomt.
- Regoliet
- De laag los stof, zand en gruis die het oppervlak van de maan en andere rotsachtige hemellichamen bedekt.
- Zonnewind
- Een constante stroom geladen deeltjes die de zon uitstoot en die onbeschermde oppervlakken, zoals dat van de maan, langzaam verweert.
- Kosmische straling
- Hoogenergetische deeltjes uit de ruimte die op materie inslaan en daarbij het oppervlak van planeten en manen chemisch en fysiek veranderen.
- Micrometeorietinslag
- De inslag van een piepklein stukje ruimtepuin, vaak niet groter dan een stofkorrel, dat oppervlakken zoals dat van de maan geleidelijk afslijt.
- Danuri (Korea Pathfinder Lunar Orbiter)
- Een Zuid-Koreaanse maansonde die sinds 2022 in een baan om de maan wetenschappelijke metingen verricht.
Bronnen
Dit artikel is met behulp van AI geschreven op basis van bovenstaande bronnen en is geen letterlijke vertaling. Zo werkt onze redactie.