AI & computing › Generatieve AI & synthetische media

Onderzoek: wetenschappelijke claims over AI-taalmodellen verouderen razendsnel

· Bijgewerkt 3 november 2026, 21:09 · 2 min leestijd

Generatieve AI & synthetische media
Beeld: The Decoder

Een derde van de veelgeciteerde wetenschappelijke bevindingen over grote taalmodellen klopt niet meer, blijkt uit Stanford-onderzoek. Modellen veranderen zo snel dat conclusies van een jaar geleden vaak alweer achterhaald zijn. Vooral uitspraken over wat AI-modellen niet kunnen, houden het kortst stand.

Onderzoekers Owen Queen en James Zou van Stanford University testten vijftig veelgeciteerde claims over grote taalmodellen (large language models, LLM's) opnieuw uit op twintig recentere modellen. Het resultaat: 44 procent van die claims is inmiddels 'verlopen'. Nog eens 34 procent is flink verzwakt. Slechts 16 procent houdt nog volledig stand, en bij 6 procent is het effect zelfs sterker geworden dan oorspronkelijk gemeten. Van de 22 bevindingen waarvoor de onderzoekers een geschatte levensduur konden berekenen, hielden claims gemiddeld maar 15,7 maanden stand. Na een jaar was al 16 procent verlopen, na twee jaar liep dat op tot 39 procent.

Wat modellen niet kunnen, verandert het snelst

Claims over beperkingen van AI-modellen verouderen het snelst. Van negen onderzochte bevindingen over redeneervermogen bleken er vijf niet langer te kloppen; geen enkele hield stand of werd sterker. Het gaat om bekende zwaktes, zoals moeite met het tellen van letters in een woord, rekenen in onbekende talstelsels, het verliezen van informatie in lange teksten en het overstag gaan voor een foutief antwoord als een gebruiker tegenspreekt. Volgens de onderzoekers ligt dat voor de hand: voor dit soort fouten bestaat een duidelijk 'juist' antwoord, waardoor ontwikkelaars gericht kunnen trainen om ze te verbeteren.

Gedrag en voorkeuren blijven hardnekkiger

Claims over het gedrag en de voorkeuren van modellen blijken juist langer houdbaar. Taalmodellen geven bijvoorbeeld nog steeds de voorkeur aan hun eigen antwoorden wanneer ze als jurylid optreden, beoordelen geaccepteerde en afgewezen wetenschappelijke papers vaak even positief, en laten zich beïnvloeden door suggestieve taal in medische samenvattingen. Ook sycofantie, het meepraten en gelijk geven aan de gebruiker, een links-politieke voorkeur en een ongelijke verdeling bij het genereren van willekeurige getallen blijven grotendeels overeind. Een opvallend voorbeeld is het verzinnen van wetenschappelijke bronnen. In een onderzoek uit 2023 verzon GPT-3.5 bij 55 procent van de verzoeken een niet-bestaande bron. Bij recente modellen als GPT-6.1 Sol en Claude Sonnet 5.5 is dat nu vrijwel verdwenen, 0 en 1 procent. Maar het model Qwen3.7-Flash, uit dezelfde periode, verzon nog altijd 69 procent van zijn bronnen. Ook bij het combineren van twee op zich bekende feiten in één vraag maken modellen nog regelmatig fouten, al is dat percentage sterk gedaald.

Grote verschillen tussen modellen

Zelfs modellen die in dezelfde periode zijn uitgebracht, lopen sterk uiteen. Onder de modellen die tussen juli en september 2026 verschenen, varieerde het aantal verlopen bevindingen van elf bij DeepSeek V4 Pro tot dertig bij GPT-6.1 Sol. Noch de releasedatum, noch de ontwikkelaar, noch de omvang van een model voorspelt betrouwbaar hoe snel claims erover verouderen. De onderzoekers concluderen dat wetenschappelijke uitspraken over AI-modellen altijd gekoppeld moeten worden aan een specifiek model en een specifiek moment, en nooit als blijvende waarheid gepresenteerd mogen worden. Ze pleiten ervoor dat publicaties voortaan het exacte model, de versie en de testdatum vermelden, en de gebruikte prompts en analysecode openbaar maken zodat anderen de claims later opnieuw kunnen testen.

Achtergrond & begrippen

Wat betekent dit voor de toekomst? Dit onderzoek laat zien dat kennis over AI-taalmodellen een steeds kortere houdbaarheidsdatum heeft, wat betekent dat beleid, onderwijs en media die zich baseren op onderzoek van een jaar geleden mogelijk al achterhaalde aannames gebruiken. Het pleit voor een nieuwe wetenschappelijke standaard waarbij elke claim over AI wordt gekoppeld aan een exact model en tijdstip, in plaats van als algemene waarheid te worden gezien.

Large language model (LLM)
Een groot taalmodel, een type AI dat tekst leert genereren door patronen te herkennen in enorme hoeveelheden tekst.
Sycofantie
De neiging van een AI-model om een gebruiker te vleien of klakkeloos gelijk te geven, ook als dat niet klopt.
Hallucinatie
Het verschijnsel waarbij een AI-model informatie, zoals een bronverwijzing, verzint die niet bestaat maar overtuigend klinkt.
Two-hop-vraag
Een vraag die alleen te beantwoorden is door twee afzonderlijke, op zich bekende feiten correct met elkaar te combineren.
Reversal Curse
Het verschijnsel waarbij een model een feit in de ene richting wel kent, maar de omgekeerde relatie niet herkent.
Prompt
De instructie of vraag die een gebruiker aan een AI-model geeft om een antwoord te krijgen.
Bias
Een systematische vooringenomenheid in de antwoorden van een AI-model, bijvoorbeeld een politieke of sociale voorkeur.

Bronnen

Dit artikel is met behulp van AI geschreven op basis van bovenstaande bronnen en is geen letterlijke vertaling. Zo werkt onze redactie.

Meer over Generatieve AI & synthetische media