Kennisbank › Solid-state batterijen & energieopslag
Solid-state batterijen: de volgende stap in energieopslag?
Bijna elk elektrisch apparaat om je heen — van smartphone tot elektrische auto — haalt zijn energie uit een lithium-ionbatterij met een vloeibare elektrolyt: een geleidende vloeistof waar lithium-ionen doorheen bewegen tussen de twee elektroden. Een solid-state batterij vervangt die vloeistof door een vast materiaal, zoals keramiek, glas of een stevige polymeerlaag. Denk aan het verschil tussen een spons vol water en een blok vochtig klei: in beide gevallen kan er iets doorheen bewegen, maar de vaste variant is compacter, lekt niet en is minder brandbaar.
Dat klinkt als een kleine aanpassing, maar de gevolgen zijn groot. Een vaste elektrolyt maakt het mogelijk om meer energie in dezelfde ruimte te stoppen, sneller op te laden en het risico op brand — de bekende zorg bij beschadigde lithium-ionbatterijen — sterk te verkleinen. Daarom wordt deze techniek gezien als een mogelijke volgende stap voor elektrische auto's en, in mindere mate, voor grootschalige energieopslag op het stroomnet. Tegelijk is de techniek nog niet rijp: fabricageproblemen houden grootschalige productie tot nu toe tegen.
Wat is het precies?
In een gewone lithium-ionbatterij zitten twee elektroden — de anode (min-pool) en de kathode (plus-pool) — gescheiden door een poreuze folie die doordrenkt is met een vloeibare elektrolyt. Tijdens het opladen en ontladen bewegen lithium-ionen heen en weer tussen de elektroden, terwijl elektronen via de buitenste stroomkring lopen en zo stroom leveren.
Bij een solid-state batterij wordt die vloeibare elektrolyt vervangen door een vaste, ionengeleidende laag. Er bestaan grofweg drie materiaalfamilies: sulfide-elektrolyten (op basis van zwavelverbindingen, goed geleidend maar gevoelig voor vocht), oxide-elektrolyten (keramische materialen, zeer stabiel maar bros) en polymeer-elektrolyten (flexibele kunststoffen, makkelijker te verwerken maar minder geleidend bij kamertemperatuur).
Een vaste elektrolyt maakt het bovendien mogelijk om de anode te vervangen door puur lithiummetaal in plaats van de grafietanode die nu gangbaar is. Lithiummetaal kan veel meer energie per kilogram opslaan, maar vormt bij vloeibare elektrolyten gevaarlijke naaldvormige uitgroeisels, dendrieten genoemd, die kortsluiting kunnen veroorzaken. Een stevige vaste elektrolyt zou dendrietgroei moeten kunnen tegenhouden — al lukt dat in de praktijk nog niet altijd volledig, zeker niet na honderden laadcycli.
Het grootste technische obstakel zit'm in het contact tussen de vaste materialen. Een vloeistof vloeit vanzelf om elk oneffenheidje van de elektrode heen, maar twee vaste oppervlakken sluiten nooit perfect op elkaar aan. Dat veroorzaakt interfaceweerstand: kleine luchtspleten en scheurtjes die de ionenstroom belemmeren, vooral naarmate de batterij uitzet en krimpt tijdens het op- en ontladen.
Wat wil men ermee bereiken?
De belangrijkste drijfveer is energiedichtheid: hoeveel energie je in een bepaald gewicht of volume kunt opslaan. Fabrikanten claimen dat solid-state cellen 30 tot 50 procent meer energie per kilogram kunnen bevatten dan huidige lithium-ionbatterijen, wat voor elektrische auto's zou betekenen: meer actieradius zonder zwaardere accupakketten, of hetzelfde bereik met een kleinere, lichtere batterij.
Een tweede doel is veiligheid. De vloeibare elektrolyt in gewone batterijen is brandbaar; bij beschadiging of oververhitting kan dit leiden tot thermal runaway, een kettingreactie die tot brand leidt. Vaste elektrolyten zijn doorgaans niet-brandbaar, wat batterijpakketten in theorie veiliger maakt en minder zware koel- en beschermingssystemen nodig maakt.
Ten derde hoopt men op snellader capaciteit: sommige fabrikanten claimen laadtijden van tien tot vijftien minuten voor een groot deel van de capaciteit, dankzij de betere stabiliteit van het materiaal bij hoge stroomsterktes. Ook een langere levensduur — meer laadcycli voordat de capaciteit merkbaar afneemt — wordt vaak genoemd als voordeel, al is dit in de praktijk nog niet onafhankelijk op grote schaal bevestigd.
Voor stationaire, grootschalige energieopslag op het stroomnet — bijvoorbeeld naast windparken of zonneparken — telt energiedichtheid veel minder zwaar, omdat ruimte daar minder een probleem is dan in een auto. Daar draait het vooral om kosten per opgeslagen kilowattuur en levensduur. Om die reden richt de solid-state-ontwikkeling zich vooralsnog vrijwel volledig op elektrische voertuigen en consumentenelektronica; voor grid-opslag concurreren andere technieken, zoals natrium-ionbatterijen en flow-batterijen, die goedkoper zijn ook al is hun energiedichtheid lager.
Voorbeelden uit de praktijk
QuantumScape (Verenigde Staten), opgericht in 2010 en gesteund door onder meer Volkswagen via diens batterijtak PowerCo, ontwikkelt een lithiummetaal-solid-state cel met een keramische separator. Het bedrijf heeft de afgelopen jaren testcellen ('B-samples') geleverd aan Volkswagen voor evaluatie, maar heeft nog geen fabriek voor massaproductie operationeel.
Toyota (Japan) kondigde in 2023 een samenwerking aan met chemiebedrijf Idemitsu Kosan voor de productie van sulfide-elektrolyt en mikt op commerciële introductie van solid-state auto-accu's rond 2027-2028, met de belofte van een actieradius van circa 1.000 kilometer en laadtijden van ongeveer tien minuten. Toyota heeft zulke tijdlijnen in het verleden meermaals opgeschoven, dus deze planning moet met enige voorzichtigheid worden bekeken.
Samsung SDI (Zuid-Korea) draait sinds 2023 een pilotlijn voor oxide-gebaseerde solid-state cellen en levert testsamples aan diverse autofabrikanten, met massaproductie voorzien voor rond 2027.
Solid Power (Verenigde Staten) ontwikkelt sulfide-elektrolytmateriaal en werkte samen met BMW en Ford aan testcellen; het bedrijf levert ook elektrolytmateriaal aan het Zuid-Koreaanse SK On. Ford heeft zijn directe betrokkenheid bij dit soort ontwikkelprogramma's de afgelopen jaren teruggeschroefd, wat illustreert hoe onzeker de tijdlijnen in deze sector nog zijn.
Factorial Energy (Verenigde Staten) leverde in 2023 en 2024 demonstratiecellen aan Mercedes-Benz en Stellantis voor praktijktests in voertuigen, gebaseerd op een eigen technologie die het bedrijf FEST noemt (Factorial Electrolyte System Technology).
Hoe ver is de techniek?
Solid-state batterijen bevinden zich in de fase tussen laboratoriumsucces en industriële opschaling — vaak de moeilijkste stap in batterijontwikkeling. Kleine testcellen presteren inmiddels goed, maar het opschalen naar grote, betrouwbare productiecellen blijkt telkens weerbarstiger dan verwacht.
De belangrijkste obstakels zijn fabricagegerelateerd. Het produceren van dunne, foutloze lagen vaste elektrolyt op industriële schaal is lastiger dan het vullen van een cel met vloeistof. Ook het handhaven van goed contact tussen de lagen tijdens duizenden laad- en ontlaadcycli — waarbij het materiaal telkens licht uitzet en krimpt — blijft een hardnekkig probleem, evenals de hoge productiekosten van met name sulfide-elektrolyten.
Grote batterijproducent CATL (China), 's werelds grootste producent van lithium-ionbatterijen, is publiekelijk terughoudender dan sommige concurrenten en verwacht zelf pas rond 2027 tot 2030 tot betekenisvolle massaproductie te komen. Deze voorzichtigheid van een partij met enorme productie-expertise wordt door analisten gezien als een realistischer signaal dan de meer optimistische aankondigingen van sommige start-ups.
Voor grootschalige stationaire energieopslag speelt solid-state technologie op dit moment nauwelijks een rol; de sector richt zich daar op goedkopere alternatieven zoals natrium-ionbatterijen (met CATL en BYD als voorlopers) en vanadium-redox-flow-batterijen, die minder energiedichtheid maar wel lagere kosten en een langere levensduur per geïnvesteerde euro bieden.
Wie werken eraan?
Japan heeft een lange onderzoeksgeschiedenis op dit gebied en telt de meeste octrooien wereldwijd, met Toyota als boegbeeld. Zuid-Korea investeert zwaar via de grote drie batterijmakers Samsung SDI, LG Energy Solution en SK On. China zet via CATL en de overheid enorme middelen in, al ligt de nadruk daar sterk op kostenreductie en opschaalbaarheid. In de Verenigde Staten financiert het Department of Energy onderzoek onder meer via het Oak Ridge National Laboratory, dat een voortrekkersrol speelt in dunne-film-elektrolyten, naast bedrijven als QuantumScape, Solid Power en Factorial Energy.
In Europa loopt onderzoek onder meer bij de Duitse Fraunhofer-instituten en is er industriële activiteit van het Taiwanese ProLogium, dat een fabriek in Frankrijk aankondigde — al is de opschaling van dit soort Europese productieplannen, net als elders, gevoelig gebleken voor vertragingen door de hoge kapitaalkosten en technische risico's.