Geoblocking: waarom internet er niet overal hetzelfde uitziet
Wie op reis in de Verenigde Staten Netflix opent, ziet een andere catalogus dan thuis in Nederland. Sommige series zijn ineens verdwenen, andere duiken juist op. Dit is geoblocking: het technisch beperken van toegang tot online content of diensten op basis van waar iemand zich fysiek bevindt. De website of dienst herkent het land van herkomst en past daarop de inhoud, prijs of beschikbaarheid aan.
Een ander bekend voorbeeld is BBC iPlayer, de streamingdienst van de Britse publieke omroep: die werkt alleen als je vanuit het Verenigd Koninkrijk verbinding maakt. Probeer je vanuit Nederland in te loggen, dan krijg je een melding dat de dienst niet beschikbaar is in jouw regio. Geoblocking zit inmiddels verweven in een groot deel van het internet, van streamingdiensten en webshops tot online kansspelen en zelfs delen van overheidswebsites.
Wat is het precies?
De basis van geoblocking is het IP-adres: het unieke nummer dat elk apparaat op internet identificeert zodra het verbinding maakt, vergelijkbaar met een postadres voor dataverkeer. IP-adressen worden in blokken uitgegeven aan internetproviders per land of regio, via zogeheten regionale internetregisters (RIR's). In Europa is dat RIPE NCC, in Noord-Amerika ARIN en in Azië en het Stille Oceaangebied APNIC. Omdat deze toewijzing openbaar is, kan een website vrij nauwkeurig afleiden uit welk land een bezoeker waarschijnlijk komt.
Om die vertaalslag te maken, gebruiken bedrijven geolocatiedatabases: grote overzichten die IP-adresblokken koppelen aan landen, regio's en soms zelfs steden. Bekende aanbieders van zulke databases zijn MaxMind, met het veelgebruikte GeoIP-systeem, en IP2Location. Een website vraagt bij binnenkomst van een bezoeker automatisch diens IP-adres op, zoekt dat op in zo'n database en toont vervolgens de bijbehorende, regionale versie van de dienst.
Een andere methode is DNS-gebaseerde blokkade. DNS (Domain Name System) is het systeem dat een webadres zoals detoekomstisnu.nl vertaalt naar het bijbehorende IP-adres van de server. Door DNS-verzoeken vanuit bepaalde landen simpelweg niet te beantwoorden, of door te verwijzen naar een foutpagina, kan een dienst ontoegankelijk gemaakt worden zonder dat het IP-adres zelf wordt gecontroleerd.
Gebruikers omzeilen geoblocking vaak met een VPN (virtual private network) of een proxyserver. Beide leiden internetverkeer om via een server in een ander land, waardoor de website denkt dat de bezoeker zich daar bevindt. Als reactie proberen diensten VPN-verkeer te herkennen, bijvoorbeeld door IP-adressen van bekende datacenters en commerciële VPN-aanbieders op zwarte lijsten te zetten. Sommige platforms combineren de IP-check met extra signalen: de taal van je browser, de valuta of het land van je betaalmethode, en bij mobiele apps soms zelfs GPS-locatiegegevens, hoewel dat laatste juridisch en technisch minder vaak wordt ingezet dan IP-detectie.
Wat wil men ermee bereiken?
De belangrijkste reden voor geoblocking bij streamingdiensten is auteursrecht. Filmstudio's en televisiezenders verkopen uitzendrechten per land of regio aan verschillende partijen. Een streamingdienst die wereldwijd opereert, moet zich daarom houden aan de licentieafspraken die per markt verschillen, en gebruikt geoblocking om te voorkomen dat content buiten het afgesproken gebied wordt bekeken.
Een tweede motief is prijsdifferentiatie: hetzelfde product of dezelfde dienst wordt voor een ander bedrag aangeboden afhankelijk van de koopkracht en marktomstandigheden in een land. Softwarebedrijven en game-platforms hanteren dit al langer.
Daarnaast spelen wettelijke verplichtingen een rol. Online kansspelen, medische adviesdiensten en financiële producten zijn in veel landen aan strikte, lokale regelgeving gebonden. Aanbieders gebruiken geoblocking om te voorkomen dat ze diensten leveren in landen waar ze daar geen vergunning voor hebben.
Ten slotte wordt geoblocking ingezet voor contentmoderatie en, in autoritairdere landen, censuur, evenals voor het naleven van internationale sancties en exportcontrole: het voorkomen dat bepaalde software, technologie of diensten terechtkomen bij landen of partijen waarvoor handelsbeperkingen gelden.
Voorbeelden uit de praktijk
De Europese Unie voert sinds december 2018 de zogeheten geoblocking-verordening (2018/302), die het voor webwinkels binnen de EU verbiedt om klanten zonder geldige reden te weigeren of anders te behandelen op basis van hun nationaliteit of woonplaats. Deze regel richt zich vooral op fysieke productverkoop en dienstverlening zoals autoverhuur, en verplicht webshops om EU-klanten dezelfde prijzen en voorwaarden te bieden. Voor auteursrechtelijk beschermde content, zoals films en series, geldt deze verordening nadrukkelijk niet: streamingdiensten mogen daar nog altijd per land verschillen.
Netflix kondigde begin 2016 aan actiever op te treden tegen VPN- en proxygebruik, nadat de dienst jarenlang onder druk stond van filmstudio's om de regionale licentieafspraken beter te handhaven. Sindsdien blokkeert Netflix doorlopend IP-adressen van bekende VPN-aanbieders, al lukt het gebruikers regelmatig om nieuwe, nog onopgemerkte servers te vinden.
BBC iPlayer vereist voor toegang een BBC-account waarbij gebruikers moeten bevestigen dat ze in het Verenigd Koninkrijk wonen, gecombineerd met IP-detectie om dat te controleren. De dienst wordt gefinancierd via de Britse kijk- en luistergelden en is daarom in principe voorbehouden aan Britse ingezetenen.
In de Amerikaanse sport is MLB.tv, de streamingdienst van de honkbalcompetitie Major League Baseball, een bekend voorbeeld van regionale blackouts: wedstrijden van het lokale team zijn niet via de streamingdienst te zien in het eigen uitzendgebied, omdat de lokale tv-zender daar exclusieve rechten op heeft.
Hoe ver is de techniek?
Geolocatie op basis van IP-adres is nooit volledig accuraat. Databases worden regelmatig bijgewerkt, maar IP-blokken verhuizen soms tussen providers en landen, wat tot foutieve identificatie kan leiden. Vooral bij mobiel internet, waarbij providers grote gedeelde IP-adresblokken gebruiken, is de nauwkeurigheid beperkter dan bij een vaste, thuis-internetverbinding.
Tussen streamingdiensten en VPN-aanbieders is een aanhoudend kat-en-muisspel gaande. Diensten houden lijsten bij van IP-adressen die bij datacenters en bekende VPN-providers horen en blokkeren die. VPN-aanbieders reageren daarop door voortdurend nieuwe servers en IP-adressen in gebruik te nemen. Een recentere ontwikkeling zijn zogeheten residential proxies: verbindingen die lopen via IP-adressen van gewone, particuliere internetaansluitingen in plaats van datacenters, waardoor ze veel moeilijker te onderscheiden zijn van reguliere gebruikers. Dit maakt handhaving lastiger, al is de betrouwbaarheid en snelheid van dit soort proxy's doorgaans minder consistent dan die van reguliere VPN's.
Kortom: geoblocking is een volwassen, breed toegepaste techniek, maar geen waterdicht systeem. Het blijft in essentie een statistische inschatting op basis van netwerkgegevens, geen harde identiteitscontrole.
Wie werken eraan?
Aan de kant van handhaving zijn grote streamingdiensten zoals Netflix en de BBC actieve partijen, net als geolocatiedatabase-bedrijven zoals MaxMind en IP2Location, die de onderliggende data leveren waarop veel geoblocking-beslissingen zijn gebaseerd. De regionale internetregisters RIPE NCC (Europa), ARIN (Noord-Amerika) en APNIC (Azië-Pacific) beheren de IP-adrestoewijzing die de hele techniek mogelijk maakt, al doen zij dat vanuit een neutrale, technische rol en niet met geoblocking als doel.
Op regelgevend vlak is de Europese Commissie de belangrijkste partij achter de geoblocking-verordening voor e-commerce; in Nederland houdt de Autoriteit Consument & Markt (ACM) toezicht op de naleving daarvan. Aan de andere kant van het spectrum staan commerciële VPN-aanbieders, die als tegenpartij fungeren door gebruikers manieren te bieden om geografische beperkingen te omzeilen.