Elektronenmicroscopie: hoe we individuele atomen zichtbaar maken
Een gewone lichtmicroscoop, zoals je die misschien nog van de biologieles kent, gebruikt zichtbaar licht om objecten te vergroten. Maar licht heeft een fundamentele beperking: je kunt nooit iets scherper zien dan de golflengte van het licht zelf toelaat, ongeveer 200 tot 400 nanometer. Dat is prima om een cel te bekijken, maar volstrekt onvoldoende om een eiwit, een virus of zelfs een enkel atoom te onderscheiden. Elektronenmicroscopie lost dit op door niet licht, maar elektronen te gebruiken als 'verlichting'. Elektronen hebben een veel kortere golflengte, waardoor je duizend keer scherper kunt kijken dan met het beste lichtmicroscoop.
Stel je voor dat je met een zaklamp een schilderij bekijkt: je ziet de grote vormen en kleuren, maar niet de individuele penseelstreken. Vervang die zaklamp door een extreem fijne straal die door het schilderij heen schijnt en de structuur op het niveau van losse verfmoleculen onthult, en je hebt een idee van wat elektronenmicroscopie doet. Onderzoekers gebruiken deze techniek om de bouwstenen van het leven te fotograferen: eiwitten, virussen, celstructuren, maar ook materialen zoals legeringen, chips en batterijen tot op atomair niveau.
Wat is het precies?
In een elektronenmicroscoop wordt een bundel elektronen versneld in een vacuümbuis, meestal met een spanning van tientallen tot honderden kilovolt. Vacuüm is nodig omdat elektronen anders al na een paar centimeter zouden botsen met luchtmoleculen en verstrooid raken. Magnetische spoelen fungeren als lenzen: ze buigen de elektronenbundel net zoals glazen lenzen licht buigen in een gewone microscoop.
Er bestaan grofweg twee hoofdvormen. Bij transmissie-elektronenmicroscopie (TEM) schiet de bundel dwars door een extreem dun preparaat heen, en wordt aan de andere kant een beeld gevormd op basis van welke elektronen wel of niet worden tegengehouden. Bij scanning-elektronenmicroscopie (SEM) tast een smalle bundel het oppervlak van een object puntsgewijs af, waarbij teruggekaatste elektronen een driedimensionaal ogend beeld van het oppervlak opleveren.
Een belangrijke recente ontwikkeling is cryo-elektronenmicroscopie, vaak afgekort tot cryo-EM. Hierbij wordt een biologisch monster, bijvoorbeeld een oplossing met eiwitten, razendsnel ingevroren tot een glasachtige, niet-kristallijne vorm van ijs. Dit voorkomt dat er scherpe ijskristallen ontstaan die de fijne structuur van het monster zouden verstoren. Duizenden individuele opnames van willekeurig georiënteerde moleculen worden vervolgens met computeralgoritmen gecombineerd tot één driedimensionaal model.
Wat wil men ermee bereiken?
Het uiteindelijke doel is simpel te formuleren, maar moeilijk te bereiken: onderzoekers willen letterlijk zien hoe moleculen eruitzien en hoe ze werken. De vorm van een eiwit bepaalt grotendeels zijn functie, en kennis van die vorm is essentieel om bijvoorbeeld medicijnen te ontwerpen die precies op een bepaald eiwit passen, zoals een sleutel in een slot.
In de materiaalkunde wil men defecten in metalen, halfgeleiders of batterijmaterialen tot op atomair niveau begrijpen, omdat zulke defecten vaak bepalen hoe sterk, geleidend of duurzaam een materiaal is. In de chipindustrie is elektronenmicroscopie onmisbaar om steeds kleinere transistoren te controleren tijdens de productie.
Voor de volksgezondheid is er nog een directe belofte: bij een nieuwe virusuitbraak kan de structuur van een virusdeeltje binnen enkele weken in kaart worden gebracht, wat het ontwerp van vaccins en antivirale middelen aanzienlijk versnelt.
Voorbeelden uit de praktijk
De spike-eiwitstructuur van SARS-CoV-2 (2020). Binnen enkele weken na het vrijgeven van de genetische code van het coronavirus bepaalden onderzoekers van de University of Texas at Austin, onder leiding van Jason McLellan, met cryo-EM de structuur van het spike-eiwit waarmee het virus cellen binnendringt. Deze structuur, gepubliceerd in het tijdschrift Science, vormde de basis voor het ontwerp van meerdere COVID-19-vaccins.
De Nobelprijs voor cryo-EM (2017). Jacques Dubochet, Joachim Frank en Richard Henderson ontvingen de Nobelprijs voor de Scheikunde voor hun werk aan het ontwikkelen van cryo-elektronenmicroscopie tot een bruikbare techniek voor biomoleculen, een ontwikkeling die zich uitstrekte over meerdere decennia vanaf de jaren tachtig.
Structuuropheldering van het Zika-virus (2016). Onderzoekers van Purdue University brachten met cryo-EM de atomaire structuur van het Zika-virus in kaart, wat inzicht gaf in hoe het virus zich onderscheidt van verwante virussen zoals dengue.
De ribosoomstructuur. Het ribosoom, de moleculaire machine die eiwitten aanmaakt in elke cel, is met een combinatie van röntgenkristallografie en later cryo-EM steeds gedetailleerder in kaart gebracht, werk waarvoor onder anderen Venkatraman Ramakrishnan, Thomas Steitz en Ada Yonath in 2009 al de Nobelprijs ontvingen voor eerdere röntgenkristallografische structuren.
De 'resolutierevolutie' met directe elektronendetectoren (rond 2012-2013). De introductie van nieuwe cameratechnologie, met name directe elektronendetectoren zoals de Gatan K2, zorgde voor een sprong in beeldkwaliteit waarmee onderzoeksgroepen wereldwijd plotseling routinematig atomaire resolutie konden behalen, iets wat daarvoor alleen in uitzonderlijke gevallen lukte.
Hoe ver is de techniek?
Elektronenmicroscopie zelf bestaat al sinds de vroege jaren dertig van de vorige eeuw: Ernst Ruska en Max Knoll bouwden in Duitsland de eerste prototypes, waarvoor Ruska in 1986 alsnog de Nobelprijs kreeg. De grote doorbraak voor de biologie kwam echter pas veel later, met de cryo-EM-revolutie tussen ongeveer 2012 en 2017.
Op dit moment kunnen de beste cryo-EM-opstellingen voor bepaalde, relatief stabiele en symmetrische moleculen een resolutie behalen van rond de 1,2 tot 2 ångström, vergelijkbaar met of soms beter dan traditionele röntgenkristallografie, en fijn genoeg om individuele atomen te onderscheiden. Voor kleinere of flexibelere moleculen, kleiner dan zo'n 50 tot 100 kilodalton, blijft het lastig om voldoende contrast en resolutie te krijgen, al verbetert dit gestaag door software- en hardwareontwikkeling.
Belangrijke resterende obstakels zijn de hoge kosten van topapparatuur (een enkele hoogwaardige cryo-EM-microscoop kan enkele miljoenen euro's kosten), de enorme hoeveelheden data die verwerkt moeten worden, en de nog altijd arbeidsintensieve monstervoorbereiding. Ook blijven sommige moleculen, met name kleine of sterk flexibele eiwitten, moeilijk in beeld te brengen. De techniek ontwikkelt zich niettemin snel: rekenkracht, detectoren en automatisering verbeteren jaarlijks, en steeds meer laboratoria wereldwijd krijgen toegang tot faciliteiten die tien jaar geleden nog voorbehouden waren aan een handvol topinstituten.
Wie werken eraan?
Op het gebied van apparatuur domineren enkele grote fabrikanten de markt. Thermo Fisher Scientific, met zijn bekende Titan Krios-microscopen, is wereldwijd marktleider in cryo-EM-apparatuur voor onderzoek. Het Japanse JEOL en het Duitse Carl Zeiss zijn eveneens belangrijke producenten van elektronenmicroscopen, zowel voor biologisch als materiaalkundig onderzoek. Hitachi High-Tech is een andere gevestigde speler, met name in SEM-technologie.
Op onderzoeksgebied speelt het MRC Laboratory of Molecular Biology in Cambridge, Verenigd Koninkrijk, van oudsher een voortrekkersrol; hier werkte onder anderen Richard Henderson. In Duitsland zijn verschillende Max Planck-instituten actief op dit terrein, en in de Verenigde Staten heeft het door het Howard Hughes Medical Institute gefinancierde Janelia Research Campus geavanceerde cryo-EM-faciliteiten. Amerikaanse universiteiten zoals Stanford, de University of Texas en Columbia University herbergen eveneens vooraanstaande cryo-EM-groepen, vaak mede gefinancierd door de National Institutes of Health.
Ook China investeert fors in cryo-EM-infrastructuur, met grootschalige nationale faciliteiten en snel groeiende onderzoeksgroepen aan instellingen zoals Tsinghua University. In Nederland beschikt onder meer de Universiteit Utrecht over cryo-EM-faciliteiten die door meerdere onderzoeksgroepen worden gedeeld.
Verder lezen
- Nobelprize.org — achtergrond bij de Nobelprijs Scheikunde 2017 voor cryo-elektronenmicroscopie
- MRC Laboratory of Molecular Biology — een van de pioniersinstituten op het gebied van cryo-EM
- Nature — wetenschappelijk tijdschrift met regelmatig baanbrekende publicaties over elektronenmicroscopie
- Science — publiceerde onder meer de eerste cryo-EM-structuur van het SARS-CoV-2-spike-eiwit
- Thermo Fisher Scientific — marktleider in cryo-elektronenmicroscopen zoals de Titan Krios